Binnenkort naar de tandarts? Gebruik de groene button "Vraag een afspraak aan" op de pagina van de tandartspraktijk op deze site waarmee u een afspraak wilt maken. Snel, makkelijk en zonder wachttijd, de tandarts belt u zo snel mogelijk.
Diabetes en uw mond | Tandarts.nl

Dit artikel gaat over diabetes en het belang van een gezonde mond. Vragen als: ‘Wat is diabetes?’, ‘Wat is parodontitis?’, ‘Waarom moet ik naar de tandarts of mondhygiënist?’ worden beantwoord. Maar vooral ook: ‘Welke invloed heeft diabetes op uw mondgezondheid?’ En andersom: ‘Waarom is een gezonde mond juist zo belangrijk bij diabetes?’ Ook wat u zelf kunt doen voor een gezonde mond komt aan de orde. 

TANDVLEESONTSTEKING: GINGIVITIS EN PARODONTITIS

DE RELATIE TUSSEN DIABETES EN MONDGEZONDHEID 

MONDZORG EN DIABETES

WAT KUNT U ZELF DOEN VOOR EEN GEZONDE MOND 26 ALS U DIABETES HEBT?

 

Wat is diabetes? 

Diabetes is een chronische stofwisselingsziekte waarbij de glucose- regulatie in het lichaam is verstoord. Onze voeding bestaat
onder meer uit koolhydraten. Koolhydraten worden in het maag- darmkanaal afgebroken tot glucose. Glucose is de belangrijkste energiebron voor het lichaam. Via het bloed wordt het naar de lichaamsweefsels zoals spieren en organen vervoerd. Om glucose als brandstof te kunnen gebruiken heeft het lichaam het hormoon insuline nodig. Bij diabetes produceert de alvleesklier geen of te weinig insuline en/of is de insuline minder werkzaam. 

Hierdoor blijft de lever teveel glucose produceren en nemen de lichaamscellen onvoldoende glucose op uit het bloed. Het glucose- gehalte van het bloed (de bloedsuikerspiegel) stijgt dan.
Voor een goed functionerend lichaam is het belangrijk dat er niet te weinig, noch te veel glucose in het bloed zit. De hoeveelheid glucose in het bloed varieert gedurende de dag. Een te hoge bloedglucose- waarde wordt een hyperglykemie (een ‘hyper’) genoemd, een te lage een hypoglykemie (een ‘hypo’). Onder normale omstandigheden komen er geen hypers of hypo’s voor. 

De officiële naam voor diabetes of suikerziekte is diabetes mellitus. Diabetes type 1 is een auto-immuunziekte waarbij het eigen afweersysteem de cellen van de alvleesklier die insuline aanmaken vernietigt. 

Diabetes type 2 komt het meeste voor (85%-90%). Bij mensen met type 2 maakt de alvleesklier te weinig insuline aan of de insuline kan zijn werk niet meer goed doen.
Op langere termijn kunnen complicaties ontstaan zoals hart- en vaatziekten, een verminderde functie van de nieren, problemen met de ogen, beschadiging van de zenuwen en voetproblemen. 

Ook een verhoogde gevoeligheid voor ontstekingen, dus ook voor ontstekingen in de mond, is een gevolg van diabetes. 

 

Komt diabetes veel voor? 

Volgens een recente schatting van de Internationale Diabetes Federatie zijn er wereldwijd 366 miljoen mensen met diabetes mellitus en neemt dit aantal vermoedelijk toe tot 552 miljoen in 2030. 

Ongeveer 1.000.000 Nederlanders hebben diabetes mellitus.
Van die 1 miljoen hebben 900.000 mensen diabetes type 2 en hebben 100.000 mensen diabetes type 1 of een ander type diabetes. Ongeveer 250.000 mensen weten echter niet van zichzelf dat ze diabetes hebben. Jaarlijks neemt het aantal mensen met diabetes met 71.000 toe. 

Door het vaker voorkomen van een ongezonde leefstijl met te veel eten en te weinig bewegen komt diabetes (type 2) op steeds jongere leeftijd voor. 

 

Risicofactoren voor diabetes type 2 

Een aantal risicofactoren beïnvloedt het al dan niet ontwikkelen van diabetes. Er kan ook sprake zijn van een combinatie van factoren: 

  • Erfelijkheid: mensen met een ouder, broer of zus met diabetes hebben meer kans om de ziekte te ontwikkelen. Ook mensen van Surinaams-Hindoestaanse, Turkse of Marokkaanse afkomst hebben, vergeleken met andere Nederlanders, een groter risico. 
  • Leeftijd: Met het stijgen van de leeftijd neemt de kans om diabetes type 2 te krijgen toe, hoewel de ziekte ook steeds vaker voorkomt op jongere leeftijd. 
  • Leefgewoonten: (Ernstig)overgewicht, een ongezond voedingspatroon en of te weinig lichaamsbeweging. 
  • Bij zwangerschapsdiabetes of bevalling van een kind zwaarder dan 9 pond is de kans om diabetes type 2 te krijgen verhoogd. 

Wat merk je van diabetes? 

Diabetes is vaak te herkennen aan één of meer klachten zoals: 

  • vaak dorst en een droge mond 
  • veel drinken 
  • veel plassen 
  • vermagering ondanks goede eetlust 
  • last van ogen, zoals rode en branderige ogen, wazig zien, dubbel zien of slecht zien 
  • slecht genezende wondjes 
  • infecties die vaak terugkomen, zoals blaasontsteking. 

Diagnose en behandeling diabetes 

Uw huisarts kan de diagnose diabetes vrij snel vaststellen door een druppel bloed uit uw vinger te nemen. Via een bloedglucosemeter bepaalt hij vervolgens hoe hoog uw glucosespiegel is. Is die, in niet- nuchtere toestand, hoger dan 11 mmol/l (millimol per liter), dan wordt de test herhaald. Bij de tweede test mag u acht uur van te voren niet eten of drinken. Is de glucosewaarde bij die tweede meting hoger dan 6,0 mmol/l, dan is er sprake van diabetes.
De afkorting mmol/l staat voor millimol per liter. Deze maat, millimol, geeft de hoeveelheid bloedglucose per liter bloed aan. 

De behandeling van diabetes type 1 start direct met insuline.
De behandeling van diabetes type 2 gaat volgens een stappenplan. Meestal wordt gestart met adviezen voor een dieet en lichaamsbeweging. Is het effect onvoldoende, dan wordt vaak begonnen met medicijnen gericht op het verlagen van de bloedglucose. Ook een combinatie van tabletten, insuline en aanpassing van leefstijl komt voor. U kunt zelf veel doen in de behandeling. Regelmatige begeleiding van uw behandelaars kan u daarbij helpen. 

Een belangrijk middel om te onderzoeken of het behandelplan goed werkt, is, naast het meten van de bloedglucosewaarde op verschillende tijdstippen, het meten van het HbA1c.
Uw behandelaar zal deze waarde om de twee tot zes maanden laten vaststellen. Het HbA1c is een percentage dat een indruk geeft van de gemiddelde bloedglucosespiegel over de afgelopen periode en een maat voor het risico op langetermijncomplicaties van diabetes. 

De streefwaarde is een HbA1c van < 53 mmol/mol (tot 2010 uitgedrukt als 7%). Een te hoge bloedglucosespiegel is op den duur schadelijk voor organen, huid en zenuwen.
Het kan onder meer leiden tot oogaandoeningen, hart- en vaatziekten, nieraandoeningen en voetproblemen. Ook bent u gevoeliger voor ontstekingen. Ook voor ontstekingen in de mond zoals gingivitis en parodontitis (tandvlees- en kaak- botontsteking). Als u leert uw bloedglucose zo normaal mogelijk (meestal tussen de 4 en 10 mmol/l) te krijgen en te houden zorgt u ervoor dat u zo gezond mogelijk blijft. Een gezonde mond hoort daarbij. 

TANDVLEESONTSTEKING: GINGIVITIS EN PARODONTITIS

Hoe ontstaat tandvleesontsteking?

In onze mond zitten heel veel bacteriën. Deze bacteriën vormen een dun laagje dat zich hecht aan tanden en kiezen. We noemen dit tandplak. Wanneer de tandplak niet regelmatig wordt verwijderd kan het tandvlees gaan ontsteken. Tandvleesontsteking ontstaat wanneer tandplak de kans krijgt zich op te hopen vooral tussen de tanden en kiezen en langs de tandvleesrand. De bacteriën in de plak produceren stoffen die het tandvlees irriteren en een ontstekingsreactie veroorzaken. Tandplak kan ook hard worden door de kalkzouten uit het speeksel en wordt dan tandsteen genoemd. Tandsteen vormt een ideale aanhechtingsplaats voor nieuwe plak. Tandplak kunt u zelf verwijderen, maar tandsteen kan alleen worden weggehaald door
uw tandarts of mondhygiënist. 

Gezond tandvlees is licht roze van kleur en ligt stevig om de tanden en kiezen. Ontstoken tandvlees is rood en gezwollen. Ook kan het tandvlees wat slapper zijn en gemakkelijk bloeden tijdens het poetsen. 

 

Gingivitis

Ontstoken tandvlees komt op elke leeftijd voor, maar het meest bij volwassenen. Ongeveer drie op de vier volwassenen ouder dan 35 jaar hebben, in meer of mindere mate ontstoken tandvlees. Tandvleesontsteking is een infectie waarbij schadelijke bacteriën via het tandvlees uw lichaam kunnen binnendringen met mogelijke gevolgen. Het risico dat u ontstoken tandvlees krijgt neemt toe wanneer u rookt of aan bepaalde ziektes lijdt, zoals bij voorbeeld diabetes. 

 

 

Parodontitis is een tandvleesontsteking waarbij ook het kaakbot is aangetast wat uiteindelijk kan leiden tot het verlies van tanden en kiezen. Waar gingivitis vooral door de hoeveelheid tandplaque wordt veroorzaakt, is parodontitis te wijten aan de activiteiten van specifieke bacteriën. 

Links gezond tandvlees, rechts ontstoken andvlees (gingivitis). Tussen de rand van het tandvlees en de aanhechting van het tandvlees aan de tand bevindt zich een ruimte: de tandvleespocket. 

 

De ruimte tussen tand en tandvlees wordt een ‘pocket’ genoemd. De tandarts of mondhygiënist kan met een speciaal instrument, een pocketsonde genaamd, deze ruimte meten. Een gezonde pocket is niet dieper dan 3 mm en bloedt niet. 

Als de ontsteking beperkt blijft tot (de rand van) het tandvlees noemen we dit gingivitis. Gingivitis is gemakkelijk te genezen door een goede mondhygiëne en een professionele gebitsreiniging. 

Parodontitis

Wanneer de ontsteking zich zo ver uitbreidt dat het kaakbot wordt aangetast, spreken we van parodontitis. Onze tanden en kiezen zijn verankerd in het kaakbot. Door de ontsteking gaat kaakbot verloren. De tanden en kiezen komen dan los te staan en kunnen uiteindelijk uitvallen. 

Wanneer de pocket dieper is dan 5 mm dan is de kans groot dat er sprake is van botafbraak rond de tanden. In dat geval spreekt men van parodontitis. Parodontitis kent verschillende stadia: 

 

Wat merk je van ontstoken tandvlees?

Over het algemeen veroorzaakt tandvleesontsteking geen pijn. Daardoor kan de ontsteking onopgemerkt blijven.
Veel mensen ervaren echter wel één of meer van de volgende signalen of symptomen: 

  • Bloedend tandvlees tijdens het poetsen of het reinigen tussen de tanden en kiezen 
  • Terugtrekkend tandvlees waardoor de tanden langer lijken 
  • Gevoelig, rood of gezwollen tandvlees 
  • Ontstaan van spleetjes tussen de tanden 
  • Los gaan staan van tanden of kiezen 
  • Aanhoudende slechte adem 
  • Een verandering in de manier van dichtbijten 
  • Slechter of niet meer passend (gedeeltelijk) kunstgebit 

Risicofactoren voor parodontitis 

Niet iedereen die gingivitis heeft krijgt ook parodontitis.
Meestal is er niet één oorzaak maar spelen verschillende factoren een rol bij het al dan niet ontwikkelen van deze aandoening.
De agressiviteit van de verschillende bacteriën kan sterk verschil- len en ook de algemene weerstand tegen infecties. Risicofactoren die de kans om parodontitis te krijgen verhogen zijn: 

  • Diabetes (type 1 of 2)
  • Roken
  • Overgewicht
  • Ongezond voedingspatroon
  • Osteoporose (afnemende botdichtheid)
  • Stress 
  • Genetische factoren 

DE RELATIE TUSSEN DIABETES EN MONDGEZONDHEID 

Diabetes en de mond 

De meeste problemen in de mond worden veroorzaakt doordat mensen met diabetes vatbaarder zijn voor ontstekingen. Bovendien genezen ontstekingen en wondjes moeilijker. Dat geldt voor het hele lichaam, maar in de mond vooral voor het tandvlees en het kaakbot. Mensen met slecht ingestelde bloedglucose- waarden hebben vaker ernstige gingivitis en parodontitis dan mensen die geen diabetes hebben. Circa tien procent van de Nederlandse bevolking heeft ernstige parodontitis. Bij mensen met diabetes wordt dit geschat op ongeveer vijfentwintig à dertig procent. Parodontitis komt dus twee tot drie keer vaker voor bij mensen met diabetes. 

Door ernstige parodontitis kunnen de tanden of kiezen los gaan staan en uiteindelijk uitvallen. Daardoor kunnen problemen ontstaan met kauwen. Minder gezonde keuzes, zoals voor voedingsmiddelen met meer vet, suiker of juist minder vezels kunnen daar weer een gevolg van zijn. 

Het effect van parodontitis op bloedglucose 

Uit onderzoek is gebleken dat diabetes niet alleen invloed heeft op het ontstaan of verergeren van tandvlees- of kaakbotontsteking maar ook andersom. Bij mensen met diabetes die ook ernstige parodontitis hebben kan het moeilijker zijn de diabetes onder controle te krijgen. Ernstige parodontitis kan leiden tot langdurig verhoogde bloedglucosewaarden. Hierdoor wordt het risico op complicaties als hart- en vaatziekten en nieraandoeningen groter. 

Het goede nieuws 

Het goede nieuws is dat er sprake is van tweerichtingsverkeer: het voorkómen en behandelen van gingivitis en parodontitis kan helpen bij het onder controle krijgen van de bloedglucosewaarden. Door de behandeling van parodontitis, waarbij een goede mondhygiëne essentiëel is, vermindert de ontsteking. Hierdoor neemt de insulinebehoefte af en dit levert bij mensen met diabetes een verbetering van de bloedglucosewaarden op. 

Dezelfde risicofactoren 

Victor Gerdes, internist in het Slotervaartziekenhuis in Amsterdam doet samen met Wijnand Teeuw, tandarts-parodontoloog aan het Academisch Centrum Tandheelkunde Amsterdam (ACTA) onderzoek naar de relatie tussen diabetes, parodontitis en hart- en vaatziekten: ‘Bij het ontstaan van parodontitis en diabetes spelen dezelfde risicofactoren een rol, bijvoorbeeld erfelijkheid en leefstijl (roken, overgewicht, voeding, stress enz.). Daarnaast wijst onderzoek steeds vaker uit dat het hebben van diabetes ook een risicofactor is voor het krijgen van parodontitis. Een goede diabetesinstelling heeft een preventief effect op parodontitis. Bij niet goed ingestelde diabetes komt vaker parodontitis voor en verslechtert de parodontitis sneller. Daarnaast blijkt dat bij mensen die goed zijn gereguleerd de behandeling van parodontitis beter aanslaat’. 

Uit onderzoek blijkt dat parodontitis mogelijk ook een risicofactor vormt voor diabetes. Mensen met diabetes én parodontitis hebben een zes keer zo groot risico op achteruitgang van de regulatie van diabetes in vergelijking met mensen met diabetes zonder parodon- titis. Hierdoor is bij parodontitis de kans op complicaties groter. Diabeten met parodontitis hebben een vier keer zo hoog risico op hart- en vaatziekten, in vergelijking met diabetespatiënten zonder parodontitis4. Er is overtuigend bewijs geleverd dat gingivitis en parodontitis kunnen worden gezien als complicaties van diabetes. 

Overige problemen in de mond bij diabetes  Xerostomie (Droge mond) 

Een probleem dat vaak voorkomt bij diabetes is xerostomie: een droge mond. De oorzaak kan liggen in te hoge bloedglucose- waarden en/of het gebruik van bepaalde medicijnen. Mensen ervaren dan een droge mond of keel, vieze smaak, een slechte adem en dorst. Andere klachten zijn: moeite met spreken, kauwen en slikken, slijmophoping, een branderig gevoel in de mond. (Een brandend gevoel kan ook optreden als gevolg van ‘burning mouth syndrome’ of mondbranden, mogelijk veroorzaakt door een aandoening aan de zenuwen). 

Een droge mond kan verschillende oorzaken hebben. Een slecht gereguleerde of niet ontdekte diabetes kan er voor zorgen dat iemand veel dorst heeft. Ook kunnen sommige medicijnen (bij voorbeeld antidepressiva of plastabletten) invloed hebben op de hoeveelheid speeksel in de mond. Speeksel speelt een essentiële rol bij de afweer en bescherming van de mond. Als de natuurlijke beschermende werking van het speeksel verminderd is kan het risico op het krijgen van gaatjes (cariës of tandbederf), tanderosie (gebitsslijtage door inwerking van zuren) en ontsteking van het mondslijmvlies toenemen. 

Het kauwen van suikervrije kauwgom kan de speekselvloed stimuleren. Soms worden ook wel medicijnen voorgeschreven. Om de vervelende symptomen van een speekseltekort te bestrijden is een effectieve bevochtiging van de mond belangrijk. Veel water drinken helpt daarbij. Speekselvervanging kan verlichting geven en het functioneren van de mond gemakkelijker maken. Verder zullen de slijmvliezen minder geïrriteerd zijn bij regelmatige bevochtiging, bijvoorbeeld met een gel, spay of mondspoelmiddel

Gisten komen bij vrijwel iedereen normaal op de huid en in de mond voor. Pas als de hoeveelheid gisten op bepaalde delen van de huid of slijmvliezen zo groot wordt dat een ontsteking ontstaat wordt van een candida- of schimmelinfectie, gesproken. Schimmels groeien sneller in een vochtige omgeving waarin veel glucose is zoals het speeksel. Door verminderde afweer zijn mensen met diabetes vatbaarder voor schimmelinfecties zoals spruw. Ook het regelmatig gebruik van antibiotica verhoogt de kans op schimmelinfecties. 

Een schimmelinfectie in de mond kan zich uiten door kleine witte plekjes op de slijmvliezen, de tong en het tandvlees, die door stevig wrijven kunnen worden verwijderd. Dit laat dan een pijnlijk, schraal plekje achter.
Soms staan de witte plekken niet op de voorgrond, maar juist rode gladde afwijkingen van de tong en de slijmvliezen. Deze vorm is vaak bijzonder pijnlijk.
Roken en het dag en nacht dragen van een (gedeeltelijk) kunstgebit kunnen het risico op een schimmelinfectie ook verhogen. Door te stoppen met roken en het kunstgebit ’s nachts uit te laten kunt u het risico verkleinen. 

Cariës (Tandbederf)

Gaatjes (cariës) ontstaan als er tandplak op de tanden aanwezig is. Elke keer als u iets eet of drinkt, zetten bacteriën in de tandplak de suikers en koolhydraten in het voedsel om in zuur. Zo ontstaat een zuurstoot die het glazuur kan aantasten, waardoor gaatjes ontstaan. Factoren zoals voedingsgewoonten spelen bij het ontstaan van gaatjes een rol, waarbij het niet alleen gaat om wat er gegeten wordt, maar vooral om hoe vaak dit op een dag gebeurt. 

Het speeksel heeft een beschermende werking tegen gaatjes. Minder speeksel, veroorzaakt door bijvoorbeeld hoge bloedglucosewaarden of medicijnen, kan daarom leiden tot meer gaatjes. Ook hogere suikerconcentraties van het speeksel kunnen hieraan bijdragen. 

Pas bij vergevorderde cariës in het dentine (tandbeen) ontstaan pijnklachten. Als het cariësproces zich voortzet wordt het dieper gelegen tandbeen (dentine) aangetast. 

Dentine is veel zachter dan glazuur en dus kan cariës zich daar veel sneller uitbreiden. Door de verhoogde kans op ontstekingen is er bij diabetes meer kans op wortel- puntontsteking en daardoor is er vaker een wortelkanaalbehandeling (zenuwbehandeling) nodig. 

Tanderosie

Tanderosie is geen directe complicatie van diabetes. Mensen met diabetes kunnen vaak last van droge mond hebben.
De beschermende werking van het speeksel is dan minder. Tanderosie ontstaat doordat de zuren uit wat we eten en drinken het glazuur aantasten. Dit geldt vooral voor fruit (in het bijzonder citrusvruchten), vruchtensappen en koolzuurhoudende dranken.

Ook in light-frisdrank zit zuur. Dit zuur maakt het glazuur zachter. Het speeksel kan het evenwicht in de mond weer herstellen maar dat kan alleen als er niet te vaak (niet vaker dan zeven keer per dag) iets zuurs gedronken of gegeten wordt en er voldoende beschermend speeksel in de mond aanwezig is. Na het drinken van vruchtensap, bij voorbeeld om een hypo te bestrijden, kun je beter niet meteen tandenpoetsen. Het glazuur is dan namelijk nog zacht en kan gemakkelijk worden beschadigd. 

Het is dan beter om de mond te spoelen met water en minimaal een uur te wachten met tandenpoetsen. Water zonder prik, koffie en gewone thee zonder suiker zijn niet schadelijk voor uw gebit. 

MONDZORG EN DIABETES 

Behandeling

De mondzorg voor mensen met goed gereguleerde diabetes is in principe het zelfde als voor mensen die geen diabetes hebben.
Voor mensen bij wie de diabetes niet goed gereguleerd is kan een frequent controlebezoek en eventuele behandeling door de tandarts of mondhygiënist (elke drie of vier maanden) nodig zijn. 

Als er al problemen zijn kan hij of zij u uitleggen wat er aan de hand is, een behandeling uitvoeren om het probleem te verhelpen en u adviseren wat voor uw mond de beste verzorging is om verdere problemen te voorkomen. 

Tandvleesproblemen 

De tandarts en/of mondhygiënist beoordeelt globaal de conditie van uw tandvlees door middel van een screening: de zogenaamde DPSI (Dutch Periodontal Screening Index). Uw tandvlees krijgt dan een cijfer dat aangeeft of uw tandvlees gezond is of dat er gingivitis of parodontitis aanwezig is. Indien nodig volgt uitgebreider onderzoek. De diepte van de ruimte tussen tand en het tandvlees (pocket-diepte) wordt op zes verschillende plaatsen rond elke tand of kies gemeten met een speciaal meetinstrument: de pocketsonde. 

Ook wordt gekeken of het tandvlees bloedt en of tanden en kiezen los staan. Met behulp van röntgen foto’s kan worden vastgesteld of en hoeveel kaakbot er rondom de wortels van de tanden en kiezen is verdwenen. Behandeling van gingivitis richt zich op het verwijderen van tandplak en tandsteen. Door een goede dagelijkse mondhygiëne, zo nodig gecombineerd met het verwijderen van plak en tandsteen door de tandarts of mondhygiënist, zal gingivitis binnen enkele weken geheel verdwijnen.
De behandeling van parodontitis kan plaatsvinden bij de tandarts, bij de mondhygiënist of bij de tandarts-parodontoloog en gaat volgens een stappenplan: het zogenaamde ‘paroprotocol’. Ook bij het voorkomen en het behandelen van parodontitis is een goede mondhygiëne essentieel en zal de tandarts of mond-hygiënist uw gebit professioneel reinigen. Er is een intakefase, een behandelfase, een beoordeling van het effect van de behandeling en de mondhygiëne en een nazorgfase. Soms kan ook een tandvleesoperatie nodig zijn om de overige ontsteking weg te nemen. 

Cariës en overige problemen 

Door regelmatige controle kan uw tandarts of mondhygiënist ook (tijdig) vaststellen of er cariës (gaatjes) of cariësrisico is. Begin- nende gaatjes kunnen door goed te poetsen met fluoridetandpasta herstellen. Wanneer al cariës aanwezig is zal beoordeeld worden of het gaatje gevuld moet worden. Op röntgenfoto’s zijn gaatjes en eventuele wortelpuntontstekingen zichtbaar. De tandarts kan dan een wortelkanaalbehandeling (zenuwbehandeling) uitvoeren om deze ontsteking te verhelpen. Tot het mondonderzoek hoort ook het opsporen van eventuele ontstekingen van het slijmvlies, schimmel- infecties en eventuele gevolgen van een droge mond door te weinig speeksel. Ook tanderosie hoort hierbij. Afhankelijk van wat er bij u in de mond aan de hand is zal een behandeling en/of advies volgen. 

Voorkomen van problemen 

Een verslechtering van de mondgezondheid kan optreden als complicatie van diabetes, vooral bij mensen bij wie de diabetes niet goed gereguleerd is. Een onvoldoende regulatie maakt ook de behandeling van parodontitis moeilijker. De mondgezondheid kan echter ook een risicofactor zijn voor de regulatie van diabetes. Bij de behandeling van diabetes hoort ook de zorg voor een goede mondgezondheid en andersom voor het bereiken van een goede mondgezondheid is goede regulatie en controle van de diabetes belangrijk. 

 

Vragen over uw tandvlees 

  1. Vraag uw tandarts of mondhygiënist of u tandvlees-pockets hebt van 5 millimeter of dieper. Dit betekent meestal dat u parodontitis hebt. 
  2. Vraag of uw mondhygiëne goed genoeg is en zo niet wat u kunt verbeteren. 
  3. Vraag hoe u tandvleesontsteking kunt helpen voorkomen, hoe vaak u het beste voor controle kunt komen en wat voor u de beste mondverzorging is. 
  4. Als u tandvleesontsteking hebt vraag dan naar de behandel- mogelijkheden en de eventuele gevolgen van de behandeling voor uw mond en uw diabetes. Vraag ook hoe goed uw diabetes ingesteld moet zijn voordat u uitgebreide behandeling van parodontitis ondergaat. 
  5. Vraag welke voorzorgsmaatregelen u moet nemen voordat u tandheelkundige ingrepen ondergaat om lage bloedglucose- waarden of andere gevolgen van diabetes te voorkomen. Vraag bijvoorbeeld of u wel of niet uw insuline of andere medicijnen moet nemen op de dag van de ingreep of dat er iets aan uw dagelijkse zelfzorgmaatregelen moet worden aangepast. 
  6. Vraag of bij u, door de diabetes, een vertraagde wondgenezing te verwachten is en wat daar aan te doen is. Vraag ook of u na een eventuele ingreep moeite zult hebben met kauwen en zo ja, wat u kunt doen om uw bloedglucose onder controle te houden. 
  7. Als u behandeld bent voor parodontitis, vraag dan hoe kan worden voorkomen dat u opnieuw parodontitis krijgt, welke andere tandheelkundige behandeling nodig is en hoe vaak u een gebitsreiniging en controle nodig hebt. Vraag ook welke specifieke hulpmiddelen u het beste kunt gebruiken. 

 

Vragen over uw diabetes 

Bij het bezoek aan huisarts, internist of diabetesverpleegkundige kunt u ook zelf een bijdrage leveren aan het voorkomen of vertragen van complicaties: 

  1. Vraag wat de uitslag is van uw HbA1c test (een laboratoriumtest die een indruk geeft van de gemiddelde bloedglucosespiegel over de afgelopen periode van 2-3 maanden). De streefwaarde is een HbA1c van < 53 mmol/mol (tot 2010 uitgedrukt als 7%). 
  2. Vraag hoe hoog uw bloeddruk is. Uw bloeddruk zou niet hoger moeten zijn dan 80/120. Als uw bloeddruk hoger is vraag dan wat u daar aan kunt doen. 
  3. Heeft u andere vragen 

 

WAT KUNT U ZELF DOEN VOOR EEN GEZONDE MOND ALS U DIABETES HEBT? 

Goede mondhygiëne 

Een goede dagelijkse mondhygiëne is belangrijk om problemen in de mond te verhelpen en te voorkomen. 

 De gouden regels 

Poets uw gebit tweemaal per dag grondig, bij voorkeur
’s morgens en voor het slapen gaan. Elke keer als u poetst, verwijdert u de tandplak die zich continu op de tanden vormt. 

  • Poets minimaal twee minuten per keer met de juiste poetstechniek 
  • Gebruik tandpasta die fluoride bevat 
  • Reinig dagelijks tussen de tanden met floss, tandenstokers of interdentaal borsteltjes. Vraag uw tandarts of mondhygiënist welk product voor u het meest geschikt is 
  • Eet of drink niet vaker dan zeven keer per dag of water is niet schadelijk voor het gebit. 
  • Bij een te lage glucosewaarde mag u extra eten of drinken.
  • Bij een te hoge glucosewaarde mag u extra drinken, bijvoorbeeld water of thee. 
  • Laat uw tanden en tandvlees regelmatig controleren 

Goed poetsen 

U kunt uw gebit handmatig poetsen maar ook gebruik maken van een elektrische tandenborstel. Uw tandarts of mondhygiënist kan u daarin adviseren. 

Vergeet niet uw tandenborstel (zowel hand als elektrisch) om de drie maanden te vervangen. Een borstel van drie maanden oud verwijdert 30% minder tandplak dan een nieuwe tandenborstel. 

Handtandenborstel 

Wat is een goede handtandenborstel?
Een goede handtandenborstel heeft:
• Zachte afgeronde nylon haren.
• Een kleine borstelkop zodat u gemakkelijk ook achter in de mond kunt komen.
• Een steel die goed in de hand ligt. 

Poetstechniek:
Er zijn verschillende manieren om uw tanden te poetsen.
Hier volgt de meest geadviseerde methode: de Bass methode. 

1. Om de buitenkant van de tanden te poetsen, plaatst u de tandenborstel in een hoek van 45 graden tegen de rand van het tandvlees. Poets met korte, zachte heen-en weergaande bewegingen zonder druk uit te oefenen. Plaats de borstel na ongeveer 10 seconden een tand of kies verder. 

2. Maak dezelfde bewegingen voor de binnenkant van de tanden en kiezen. 

3. Bij de binnenkant van de voortanden is het gemakkelijker de borstel verticaal te plaatsen. 

4. Poets ook de kauwvlakken met korte schrobbewegingen. 

 

Elektrische tandenborstel 

Wat is een goede elektrische tandenborstel? Een goede elektrische tandenborstel heeft: 

  • een kleine borstelkop 
  • ligt goed in de hand 
  • is oplaadbaar 
  • heeft bij voorkeur een zogenaamde 2-minuten timer dat een signaal geeft wanneer u de aanbevolen poetstijd heeft bereikt. 

Poetstechniek:
Het poetsen met een elektrische tandenborstel vereist een andere techniek dan met een handtandenborstel. De borstel maakt zelf de juiste bewegingen. Van belang bij elektrisch poetsen is de plaatsing van de borstel op de tanden en kiezen. 

1. Plaats voor de buitenkant de borstel steeds opnieuw loodrecht op de tanden, tegen de rand van het tand- vlees aan. U hoeft geen poetsbewegingen te maken. Ga langzaam van tand naar tand, kies naar kies. 

2. Begin voor de binnenkant bij de achterste kies en beweeg de borstel langzaam weer van kies naar kies en van tand naar tand. 

3. De achterkanten van de achterste kiezen kunt u reinigen door de borstelkop dwars te plaatsen. 

4. Ook de kauwvlakken worden kies voor kies gereinigd.

 

Reinigen tussen de tanden en kiezen 

Zelfs grondig poetsen is niet genoeg! Elke tand of kies bestaat uit vijf oppervlakken. Met poetsen reinigt u er slechts drie van de vijf. De twee overige vlakken zijn de ruimten tussen uw tanden en kiezen. Er zijn heel wat manieren om de ruimte tussen uw tanden en kiezen schoon te maken: flossen, stoken en het gebruik van interdentale ragertjes. Welke soort dient u te gebruiken hangt deels af van uw eigen voorkeur en deels af van wat uw tandarts of mondhygiënist u adviseert. 

Flossen 

Wat is goede floss?
Er zijn verschillende soorten floss te koop. Met of zonder wax, met of zonder smaakje. Het voordeel van wax is dat het flossdraad gemakkelijker tussen de tanden en kiezen glijdt. Goede floss rafelt niet en is bestand tegen breken.
Er bestaat ook flosstape, een iets bredere draad die vooral voor beginners uitkomst biedt. 

Techniek 

Neem ongeveer 45 cm flossdraad en wikkel de uiteinden losjes om de middelvingers en laat 5 cm flossdraad vrij.
Met gestrekte duim en wijsvingers houdt u de floss strak gespannen en schuift u de floss voorzichtig met een zagende bewe- ging tussen de tanden en kiezen. 

Leg de flossdraad als een lus rond elke tand en kies en beweeg het voorzichtig met een heen- en weergaande beweging langs alle zijden van elke tand of kies en ook onder de tandvleesrand. Neem voor elke tand of kies een nieuw stukje draad. 

Stoken 

Wat is een goede tandenstoker? Een goede tandenstoker: 

  • is van zacht hout gemaakt 
  • is klein 
  • heeft een platte onderkant 
  • een zeer goed alternatief voor een houten stoker is de Soft-Pick. 

                                                                      

                                       Dit is een stoker/rager met rubberen (latexvrije) haartjes 

Techniek. 

Maak de tandenstoker voor gebruik nat in uw mond.
Breng de tandenstoker met de platte kant tegen het tandvlees, zo ver mogelijk tussen de tanden en kiezen.
Maak een heen- en weergaande beweging. 

 

Interdentaal ragen 

Waar er voldoende ruimte tussen de tanden en kiezen is voor het gebruik van ragers, genieten deze de voorkeur boven tanden- stokers. Ragers halen namelijk meer tandplak weg dan tanden- stokers. Ragers zijn verkrijgbaar in vele maten, van zeer smal tot extra groot. Om de tandplak goed te verwijderen, moet de rager met enige moeite tussen de tanden en kiezen doorgaan. 

Wat is een goede rager? Een goede rager: 

  • Heeft een verdikt handvat voor een goede grip
  • Sommige merken is het stalen draadje beschermd door een coating zodat het glazuur van de tanden niet beschadigd.
  • Sommige merken zijn antibacterieel, dat voorkomt bacteriele besmetting van eerder gebruik. 
  • moet kunnen buigen om ook bij de achterste kiezen te komen en heeft een metalen binnenste van het borsteltje dat is beschermd met plastic. 

                                                                            

Techniek 

De rager pakt u beet bij het metalen steeltje of het handvat.
U duwt de kant met de haren voor- zichtig tussen de tanden en kiezen. Vervolgens haalt u de rager ongeveer tien keer heen en weer. Let er op dat het metaal van de rager de tanden en kiezen niet raakt. 

 

Wat kunt u nog meer doen voor een gezonde mond? 

Naast plak verwijderen door te poetsen en tussen uw tanden en kiezen te reinigen kunt u eventueel aanvullende maatregelen nemen en zo zorgen voor een zo gezond mogelijke en optimaal beschermde mond, bijvoorbeeld door uw tong te reinigen of een spoelmiddel te gebruiken. 

Tong reinigen 

Ook op de tong bevinden zich veel soorten micro-organismen.
Zij kunnen, net als bacteriën in de tandvleespocket, een belangrijke rol spelen bij de productie van vluchtige zwavelverbindingen.
Deze verbindingen kunnen een slechte adem veroorzaken.
Het verwijderen van het tongbeslag op de rug van de tong heeft zin als u last van een slechte adem hebt. 

Techniek 

Steek de tong goed uit en plaats de tongreiniger zo ver mogelijk op het achterste gedeelte van de tong.
Oefen druk uit en trek dan de tongreiniger langzaam naar voren. Maak de tongreiniger schoon met water en herhaal deze handeling een aantal keren. De tongrug is erg gevoelig en soms kunnen kokhalsneigingen optreden. Door goed door de neus te ademen en rechtop te staan kunt u dit zo veel mogelijk voorkomen. 

 

Mondspoelmiddel 

Als extra aanvulling op uw dagelijkse mondhygiëne kunt u een mondspoelmiddel gebruiken om de ontwikkeling van tandplak te helpen verminderen en de conditie van het tandvlees te verbeteren of omdat u het gewoon prettig vindt. Uw tandarts of mondhygiënist kan u adviseren of het gebruik van een spoelmiddel. 

                                                                                             

Er zijn veel verschillende mondspoelmiddelen, allemaal met een verschillende werking. Uw tandarts of mondhygiënist kan u bijvoorbeeld een mondspoelmiddel met fluoride adviseren tegen gaatjes, met chloorhexidine of actieve zuurstof na een uitgebreide tandvleesbehandeling. 

Poobiotica 

Een mogelijke hulpmiddel bij het in stand brengen van een gezonde balans in de mond zijn probiotica. Probiotica worden al langer gebruikt in de medische wereld. De WHO (Wereld gezondheidsorganisatie) definieert probiotica als levende micro-organismen die, mits toegediend in adequate hoeveelheden, gezondheidswinst opleveren voor de gastheer of -vrouw. 

 

Gezonde levensstijl 

Roken 

Roken is slecht voor de gezondheid, dat is geen nieuws.
Voor mensen met diabetes is roken extra slecht omdat roken het moeilijker maakt de bloedglucose stabiel te houden en de kans op andere lichamelijke gevolgen van diabetes vergroot. Minder bekend is dat roken ook direct een negatieve invloed heeft op ons tandvlees. Ieder mens heeft afweercellen die via de bloedvaten hun weg vinden. De bacteriën in onze mond worden door deze afweercellen aangevallen. De nicotine in de tabaksrook kan doordringen in het tandvlees waardoor de bloedvaten kunnen vernauwen. Zo zullen minder afweercellen de bacteriën bereiken. Nicotine vermindert ook de aanmaak van ons speeksel. Speeksel neutraliseert het zuur in de mond dat schadelijk is voor de tand of kies en het tandvlees.
Dit alles geeft een verhoogd risico op parodontitis. Ook is aangetoond dat rokers met parodontitis minder goed reageren op de behandeling dan niet-rokers met parodontitis. Wilt u tips of hulp met het stoppen met roken, ga dan naar www.stivoro.nl 

Als u stopt, neem dan wel contact op met uw arts of diabetes- verpleegkundige. Uw bloedglucose kan veranderen en dan kan aanpassing van medicijnen of insuline nodig zijn. 

Voeding 

Goede voedingskeuzes maken is voor iedereen belangrijk. Als u diabetes hebt of risico loopt diabetes te krijgen is het extra belangrijk. In de eerste plaats om uw bloedglucose op een gezond niveau te houden maar ook om ontsteking van het tandvlees en het kaakbot te helpen voorkomen. Vraag uw arts, diabetesverpleegkundige of diëtist wat voor u de juiste keuzes zijn. Als u zich houdt aan hun voorschriften voor een gezond voedingspatroon met de juiste hoeveelheid koolhydraten, eiwitten, vetten, vitamines en mineralen zorgt u optimaal voor uw diabetes én voor uw tanden en tandvlees. Beperk u tot maximaal zeven eet- of drinkmomenten per dag en probeer voedingsmiddelen die niet tandvriendelijk zijn zo veel mogelijk te vermijden. Vooral frisdrank en vruchtensap bevatten veel zuren die het glazuur kunnen beschadigen. Water drinken kan wel onbeperkt. Het speeksel helpt hiertegen beschermen maar mensen met diabetes hebben vaak minder speeksel, door hogere bloedglucose- waarden en/of gebruik van bepaalde medicijnen, waardoor er meer risico is met diabetes waardoor er meer risico is op tandbederf en tanderosie. Als u toch vruchtensap gebruikt, spoel dan de mond met water en wacht minstens een uur met tandenpoetsen. 

 

Een gezond gewicht en bewegen 

Bij overgewicht reageert het lichaam minder goed op insuline. Er blijft dan te veel glucose in het bloed aanwezig. De kans op diabetes type 2 wordt al meteen kleiner wanneer iemand afvalt. Zelfs al na een paar kilo. Wilt u afvallen vraag advies en begeleiding van een diëtist of leefstijlcoach. 

Dagelijks minimaal een halfuur matig intensief bewegen is het beste, zoals wandelen of fietsen. Bewegen helpt bij afvallen en hoort bij een gezonde leefstijl.

Bewegen is goed omdat: 

  • Glucose wordt makkelijker uit het bloed gehaald en de bloedglucosespiegel daalt 
  • De stofwisseling gaat sneller, het werkt de hele dag door 
  • Vetverbranding helpt gewicht te verliezen of op gewicht te blijven 
  • Spieren worden sterker en botten worden steviger
  • U voelt zich fitter en minder moe.
  • Bewegen helpt ook tegen stress 
  • Betere bloedsomloop: goed voor hart en bloedvaten.
  • Dagelijks minimaal een halfuur matig intensief bewegen is het beste, zoals wandelen of fietsen. 

 

INFORMATIEBRONNEN 

• Nederlandse Diabetes Federatie (www.diabetesfederatie.nl)

• Diabetesvereniging Nederland (www.dvn.nl)
• Diabetes Fonds (www.diabetesfonds.nl)
• Ivoren Kruis (www.ivorenkruis.nl

• Nederlandse Vereniging van Mondhygiënisten (www.mondhygiënisten.nl)

• NMT patiënteninformatie (www.allesoverhetgebit.nl)
• Nederlandse Vereniging voor Parodontologie (www.nvvp.org)
• Stivoro (www.stivoro.nl

• Voedingscentrum (www.voedingscentrum.nl)

• Joslin Diabetes Center 

Diabetesvereniging Nederland (DVN) is de grootste patiënten- vereniging van Nederland.
Diabetesvereniging Nederland (DVN) strijdt voor goede zorg en een beter leven voor iedereen met diabetes. Ieder mens is uniek en heeft andere behoeften als het om zorg gaat. De zorg moet aansluiten bij deze behoeften. Hier maakt DVN zich sterk voor, al 66 jaar lang. Onder het motto ‘voluit leven met diabetes’ is DVN betrokken, strijdbaar en ondernemend. 

Meer informatie: www.dvn.nl. Op de hoogte blijven van alle actuele ontwikkelingen rond diabetes? Volg DVN op Twitter: @DiabetesNL. Informatie over diabetes vindt u op www.diabeteswiki.nl. 

Referenties:
1. Ahdi M, Gerdes VEA, Hoekstra JBL, Meesters EW. 
Diabetes mellitus. Ned Tijdschr Tandheelkd 2012; 119: 65-71 2 Teeuw WJ, Gerdes VE, Loos BG: Effect of periodontal treatment on glycemic control of diabetic patients: a 

systematic review and meta-analysys. Diabetes Care 2010; 33:421-427 

  1. Taylor GW, Borgnakke WS: Periodontal disease: associations with diabetes, glycemic control and complications. 

Oral Dis 2008; 14: 191-203 

  1. Thorstensson H: Periodontal disease in adult insulin-dependent diabetecs. Swed Dent J Suppl 1995; 107:1-68 
  2. Kroon M: interview Diabetes Zorg moet mondiger; Nederlands Tijdschrift voor Mondhygiene; 2011; 6: 8-11 

 

 

 

 

EXTRA vragen

Heb je vooraf informatie gekregen over de kosten van de behandeling?
Hoe ben je te woord gestaan door de medewerkers van de praktijk?
Ben je goed geïnformeerd aan het begin van de behandeling?
Werd je geïnformeerd tijdens de behandeling?
Kreeg je advies en instructies na de behandeling?
Hoe is het resultaat na de behandeling?
De praktijk waar ik patiënt ben, kent flexibele openingstijden
De telefonische bereikbaarheid van de praktijk?